Bijles Schoolvakken
Delen

Welke Wiskunde Variant (Wiskunde A B C D) kun jij het Best Kiezen Afhankelijk van je Profiel en Interesses?

Vertaald door Boris, gepubliceerd op 26/09/2018 Blog > Schoolvakken > Wiskunde > Verschil Wiskunde A en B (en C en D)

Of je nou net naar de middelbare school gaat of er al rondloopt en inmiddels een profiel mag gaan kiezen, of dat je allang klaar bent met de middelbare school, gestudeerd hebt en volledig bent gevallen voor wiskunde: iedereen komt op een moment in zijn of haar leven met wiskunde a en b.

Maar wat is nou eigenlijk het verschil tussen wiskunde a en b? En als we kijken naar het verschil wiskunde a en b havo, en het verschil wiskunde a en b vwo, wat valt dan op?

Er zijn veel mythes over wiskunde a en b. Zo zijn er mensen die zeggen dat wiskunde b voor slimmere mensen is.

Anderen zeggen weer dat je bij wiskunde a meer creativiteit mag gebruiken. En weer anderen menen dat wiskunde d alleen is weggelegd voor de echte bollenbozen.

Zoals vaak bij mythes, zijn delen van dit verhaal waar terwijl andere aspecten weer nergens op gebaseerd zijn. Maar waarom bestaat die verdeling eigenlijk?

Iedereen wordt geboren met verschillende talenten.

De een kan geweldig tekenen, de ander blinkt uit in sport, weer een ander heeft een talenknobbel en misschien val jij wel onder de groep die een wiskundige formule of vergelijking hoeft te zien en gelijk snapt waar het over gaat.

Om ervoor te zorgen dat leerlingen gestimuleerd worden hun sterke kanten te ontwikkelen, en ervoor te zorgen dat bijvoorbeeld wiskundetalenten zich niet gaan vervelen tijdens een les onder hun niveau, is er een onderverdeling gemaakt binnen het vak wiskunde.

Die verdeling was eerst een simpele, tussen wiskunde A en B (eerder bekend als wiskunde I en II).

Maar later, vanaf de invoering van de Tweede Fase in 2007 zijn daar verdere verdelingen in gekomen, met de komst van wiskunde C en D (eerder wiskunde A.1 en A.2, en B.1 en B.2).

Wiskunde is een breed vak, en dat is terug te zien in deze verdeling. Daarnaast een noodzakelijk vak, want wiskunde komt terug in allerlei aspecten van het dagelijks leven.

Daarom is het heel belangrijk dat iedereen, op zijn of haar eigen niveau, in aanraking komt met wiskunde.

Maar welke wiskunde past het best jou? En wat is het verschil tussen wiskunde a en b? Lees snel verder.

Wiskunde A

Het verschil tussen wiskunde a en b zie je terug in de inhoud. Bij wiskunde A komen diagrammen en grafieken terug, zoals je ze later bij sociale studies krijgt.| Bron: Pexels

Op het moment dat je een keuze gaat maken tussen wiskunde A en B, dan moet je bij het maken van die keuze vooral kijken naar hoe goed je bent in wiskunde.

Of je nou op de havo of op het vwo zit, wiskunde A kan je op beide niveaus kiezen.

Dat is ook de hele gedachte achter de verdeling: ook al is op het vwo het niveau van de gegeven vakken vaak iets hoger dan op de havo, ook op het vwo kom je leerlingen tegen die moeite kunnen hebben met wiskunde.

Om wiskunde alsnog voor iedereen toegankelijk te kunnen maken is deze versie van wiskunde aangeboden.

Bij wiskunde A komen meer de wiskundige vaardigheden terug die van toepassing kunnen zijn op de latere studies van de leerlingen.

Vaak zie je dat leerlingen die goed zijn in wiskunde – en dus wiskunde b doen – later een studierichting kiezen die daar meer bij aansluit, terwijl leerlingen die wiskunde A doen daarna meer de talenstudies of sociale studies gaan doen.

Bij dergelijke studies, als antropologie, sociologie of geschiedenis is statistiek belangrijk, voor het correct uitvoeren van wetenschappelijk onderzoek.

Bij wiskunde A leer je daarom vaak vaardigheden die te maken hebben met statistiek: diagrammen, tabellen, formules en kansberekening.

Wiskunde C

Er is verschil tussen wiskunde a en b, en c en d. Wiskunde C is een minder intense variant van wiskunde A. | Bron: Pexels

Voor wie helemaal niet kan aarden binnen de wiskunde, maar het toch, zij het verplicht, zij het uit interesse, wil leren, is er wiskunde C. Wiskunde C is een makkelijkere versie van A.

Dezelfde onderwerpen als bij wiskunde A worden behandeld, maar de intensiteit en de moeilijkheidsgraad ligt lager.

Waar wiskunde A en B al sinds de jaren tachtig bestaan, is wiskunde C, net als zijn grote tegenhanger wiskunde D, pas ingevoerd in het schooljaar 2007/2008.

Er wordt bij wiskunde C meer de nadruk gelegd op bijvoorbeeld grafieken en onderwerpen die aansluiten bij sociale studies.

Het vak is op zowel de havo als het vwo dan ook alleen beschikbaar die het profiel Cultuur & Maatschappij hebben.

Leerlingen met dat profiel kunnen wiskunde C bij voorkeur overigens wel inwisselen voor een zwaardere variant, bijvoorbeeld wiskunde B of D.

Wiskunde B

Het verschil tussen wiskunde a en b is bijvoorbeeld dat wiskunde B soms lastiger is. Bij wiskunde B komen een aantal lastige onderdelen van wiskunde aan bod. | Bron: Pexels

Wiskunde B werd net als Wiskunde A ingevoerd in de jaren tachtig op zowel de havo als het vwo. Het is ten opzichte van wiskunde A een zwaardere variant van wiskunde met meer nadruk op exacte wetenschappen.

Daarom kunnen leerlingen met de profielen Natuur & Gezondheid en Economie & Maatschappij kiezen of ze wiskunde A of B nemen in hun profiel.

Voor de echte bèta’s, die Natuur & Techniek als profiel hebben en dus een sterke voorkeur hebben voor de exacte wetenschappen, is het verplicht om wiskunde B te doen.

De thema´s die behandeld worden bij wiskunde B sluiten dan ook meer aan bij wiskunde toegepast in de techniek, zoals algebra, goniometrische functies, meetkunde, differentialen, functies en grafieken.

Wie wiskunde B doet maar alsnog de zaken, die meer terugkomen bij wiskunde A, wilt leren, zoals statistiek en kansberekening, doet er goed aan om wiskunde D toe te voegen aan zijn of haar profiel.

Wiskunde D

Je hebt wiskunde a en b, en daarna komt d als moeilijkste versie. Er zijn niet veel mensen die Wiskunde D aankunnen. | Bron: Pexels

Wiskunde D is namelijk de meest hardcore versie van wiskunde die je zult vinden op de middelbare school en alleen geschikt voor mensen die een enorme passie of talent voor het vak hebben.

Wiskunde D is zowel een herhaling van eerdere wiskunde, als een toevoeging op wiskunde B. Er komen zoals gezegd elementen terug uit wiskunde A, maar er kunnen ook nieuwe, moeilijkere aspecten aan toegevoegd worden.

Dat is namelijk het lastige en gelijk het uitdagende aan wiskunde D: er is geen vast kader.

Wiskunde D geldt als verbreding en kwam mede tot stand nadat exacte studies klaagden over het gebrek aan kennis bij nieuwe studenten op het gebied van wiskunde. Om deze leerlingen beter klaar te kunnen stomen werd wiskunde D opgericht.

Afhankelijk van de leraar op de middelbare school, die vanwege het gebrek aan een centraal examen zelf invulling kan geven aan het vak, worden er elementen uit de wiskunde behandeld als:

  • Cryptografie
  • Codering
  • Toegepaste analyse
  • Complexe getallen
  • Ruimtemeetkunde
  • Sterrenkunde

Ben jij dus van plan om na je middelbare schooltijd een exacte wetenschap te gaan doen, dan wordt je aangeraden wiskunde D toe te voegen aan je profiel.

Sterker nog, bij sommige studies wordt het zelf van je geëist dat je dit vak hebt gedaan.

Welke Wiskunde moet ik Kiezen?

Twijfel je toch nog steeds welke wiskunde je wilt kiezen? Dan zijn er een aantal zaken die je moet meenemen in je beslissing. Bijvoorbeeld:

  • Talent
  • Passie
  • Toekomst

Hoe Goed ben je in Wiskunde?

Als je bijvoorbeeld heel veel talent hebt voor wiskunde, is het absoluut aan te raden om op zijn minst wiskunde B in je profiel op te nemen.

Zelfs als je nog niet weet wat voor studie je wilt gaan doen of wat voor beroep je later wilt gaan uitoefenen, is de kans groot dat als je goed bent in wiskunde je later die kant op zal gaan.

Andersom geldt ook dat als je helemaal niet goed bent in wiskunde, je jezelf misschien maar beter een aantal hele uitputtende semesters kan besparen door een lichtere variant van wiskunde, zoals wiskunde a of c, te kiezen.

Hoe Leuk vind je Wiskunde?

Naast het talent dat je ergens voor hebt is het misschien nog wel belangrijker dat je gaat doen wat je leuk vindt.

Als je een enorme passie hebt voor wiskunde, zal je er waarschijnlijk ook wel goed in zijn.

Maar zelfs als je er geen aanleg voor hebt, maar je vindt het wel een ontzettend mooi vak en laat je graag uitdagen, dan staat je niets in de weg om het gewoon te proberen en voor wiskunde B – of misschien zelfs wiskunde D – te gaan.

Als het je echt niet bevalt of de cijfers vallen echt tegen, kan je later vaak nog veranderen.

Vind je wiskunde maar niets en ligt jouw hart bij bijvoorbeeld talen, geschiedenis of sport?

Kies dan voor de lichtst mogelijke variant, wiskunde C, en bespaar je lange, pittige lessen vol met moeilijke wiskunde opgaven.

Wat Wil Je Later Worden?

Als laatste factor in je overweging, is het belangrijk om te kijken naar wat je later wilt worden.

Als je bijvoorbeeld graag verder wilt in de exacte wetenschappen en een studie biologie, scheikunde of kunstmatige intelligentie ambieert, doe je er goed om aan voordat je je profiel kiest te kijken wat de toelatingseisen zijn van zo´n studie.

Veel studies eisen namelijk van nieuwe studenten kennis in de wiskunde, wat betekent dat je zonder wiskunde D, of minstens wiskunde B, niet binnenkomt.

Voor sociale wetenschappen gelden dergelijke toelatingseisen meestal niet.

Toch kan een basiskennis van statistiek, die je bijvoorbeeld opdoet bij wiskunde A, je wel alvast een voorsprong tijdens je studie geven als het onderwerp behandeld wordt.

 

Delen

Onze lezers vinden dit artikel leuk
Heeft dit artikel je de informatie kunnen geven waar je naar op zoek was?

Had je hier echt helemaal niks aan?Volgende keer zullen we beter ons best doen!Oef, het gemiddelde! Niet beter dan dat?Bedankt! Stel je vragen hieronder in de comments.Het was een plezier je te kunnen helpen! :) (Beoordeel als eerste dit artikel)
Loading...

Reageer op dit artikel

avatar
wpDiscuz